dinsdag 23 december 2014

Kerst bij de familie Schat

Dit is de dag waarop Wouter het hele jaar heeft gehoopt. Samen met opa Schat mocht hij een kerstboom ophalen. De boom staat nu in de woonkamer. De takken glinsteren nog niet, ze stralen ook nog niet, maar dat komt wel als de boom versierd is. Dan begint het Kerstfeest pas echt.
Samen halen ze de dozen met lichtjes en slingers en ballen van zolder. Opa moet er wel een paar schilderijen voor opzij zetten.
‘Vergeet de kerststal niet!’ roept oma onderaan de trap.
De kerststal is oma’s trots. Die heeft ze jaren geleden zelf gemaakt en komt elk jaar onder de kerstboom te staan. Levensechte poppen. Jozef en Maria en baby Jezus in een kribbe. Baby Jezus is zo groot als Charlotte’s baby born pop, waar ze nog niet mee speelt.
Een voor een pakken ze de poppen uit de doos. Uren heeft oma er aan gewerkt. Toen was papa nog niet geboren. Hij zat toen nog in oma’s buik.
Maria draagt een prachtige hoofddoek om haar stoffen gezicht en Jozef heeft zachte krullen van wol. Met de kribbe heeft opa geholpen. Hij heeft ‘m gezaagd en in elkaar getimmerd.
Als laatste haalt Wouter baby Jezus uit de doos. Maar wat gebeurt er? Baby Jezus ruist! De droge korrels gort die zijn lijfje vullen, stromen er in een rechte straal uit. De benen worden slap, het buikje wordt dunner en uiteindelijk blijft er een slappe lege lappenpop over.
De muizen hebben Jezus  kapotgevreten.
‘Arme jongen,’ zegt opa en neemt Jezus op de arm. ‘Laat oma jou maar niet zien. Dan huilt ze tranen van verdriet en bij een geboorte zien we liever tranen van vreugde.’
‘Opa!’ zegt Wouter. ‘Wat moeten we nou? Oma zal het echt wel zien wanneer baby Jezus niet in de kribbe ligt.’
Opa krabt eens aan zijn baard. Dat doet hij altijd wanneer hij het antwoord niet weet.
‘Misschien kunnen we Charlotte er in leggen?’ oppert Wouter.
Papa komt juist de kamer binnen met Charlotte op de arm.
‘Waar moet Charlotte in?’ vraagt papa.
‘In de kribbe,’ zegt Wouter. ‘Jezus is leeggelopen!’
Opa houdt de slappe pop omhoog. ‘Muizen,’ zegt hij.
‘Die die,’ wijst Charlotte en wipt op papa’s arm.
‘Charlotte kan toch niet in een kribbe liggen?!’ zegt  papa.
‘Toe nou papa’, smeekt Wouter. ‘Charlotte wil het zelf ook!’
‘Die die!’ kraait Charlotte blij.
‘Nou, vooruit. Even dan,’ zegt papa.
Hij legt Charlotte in de kribbe, maar ze klimt er meteen weer uit.
‘Charlotte is niet moe. Ze heeft haar middagslaapje net gehad,’ zegt papa.
Wouter en opa kijken sip naar de lege kribbe.
‘Waarom leg je Charlotte’s pop er niet in, daar speelt ze toch nog niet mee,’ stelt papa voor.
De pop past in de kribbe. Maria en Jozef kijken een beetje onwennig naar hun plastic kind, maar ze zullen vast goed voor ‘m zorgen. Beter dan Charlotte die naast de kribbe hurkt en probeert met haar vingers de ogen in te drukken.

Oma was verdrietig, maar ze nam de lappenpop snel mee om te repareren.
Misschien dat ze ‘m een nieuw lijfje kan geven, zodat hij volgend jaar weer onder de boom kan.
‘Opa!’ roept Wouter ineens. ‘We zijn de piek vergeten!’
Opa neemt Wouter op zijn schouders en voorzichtig zet Wouter de piek bovenop de boom.

Nu kan Kerst ├Ęcht beginnen.


2 opmerkingen: